Vrijdag 23 maart

School lunch

Gisteren heb ik in dit blog de vraag gesteld hoe je kunt voldoen aan die vier uitgangspunten die ten grondslag liggen aan Kunskapskolan; hoe hou je iedereen tevreden? Iets wat zeker bijdraagt tot een gevoel van tevredenheid bij leerlingen en docenten zijn de heerlijke lunches die hier dagelijks tussen 10.40 en 12.30 uur  worden geserveerd.

Toegegeven, het is wat vroeg om voor 12.00 uur een bord pasta of een visgerecht met aardappelpuree  te nuttigen, maar ik verzeker je, het went razendsnel. Het is een heerlijk moment van ontspanning en een uitgelezen kans om met leerlingen of met docenten te spreken over van alles en nog wat.

Bij het woord school lunch denk ik in eerste instantie aan de strijd die Jamie Oliver, de alom bekende Britse chef-kok, jarenlang heeft geleverd om de kwaliteit te verbeteren van de school dinners in Groot Brittannië. Hij maakt zich grote zorgen over de gezondheid en de levensverwachting van de Britse jeugd omdat een groot aantal kinderen uitsluitend leeft op frites, pizza en zoetigheid.

Op deze school is de assistentie van Jamie volstrekt overbodig want ze hebben hier hun eigen chef-kok. Haar naam is Josefina en samen met haar assistenten zorgt zij ervoor dat er elke dag een goede, uitgebalanceerde maaltijd is voor alle 550 leerlingen en ruim 40 docenten. Er zijn altijd verse groeten, rauwkost, aardappels, pasta of rijst en de ene dag is het hoofdbestanddeel vlees en de andere dag is het vis of iets vegetarisch. Er is bovendien altijd de mogelijkheid om het alom bekende knäckebröd te eten met iets van beleg.

Er is mij deze week regelmatig gevraagd hoe lunch bij ons op school is georganiseerd en ik haast mij dan te zeggen dat het  fenomeen “school lunch” iets is wat wij niet echt kennen en dat iedereen zijn eigen lunch meebrengt van thuis. Het is iets wat ze zich hier in Zweden moeilijk kunnen voorstellen omdat het gezamenlijk eten wordt gezien als een essentieel onderdeel van de schooldag. Verantwoord eten is goed voor lichaam en geest en dus ook onlosmakelijk verbonden met het functioneren en presteren op school. Daarnaast is het een moment van rust.

Josefina vertelt mij dat iedere leerling een keer per jaar meehelpt om de lunch te verzorgen. Deze leerlingen zijn die dag vrijgesteld van alle andere activiteiten en helpen mee met de voorbereiding, het serveren en het opruimen. Ze dragen die dag blauwe vesten zodat het voor iedereen duidelijk is dat zij die dag een speciale taak hebben. Zij zien er ook op toe dat iedereen zijn bord, bestek en glas in de keuken terugbrengt en dat afval in de juiste afvalbakken wordt gedeponeerd. Schoolwacht in optima forma!

Leerlingen en docenten kunnen in hun weekrooster zien vanaf hoe laat zij kunnen gaan lunchen. Als je om 11.45 gaat lunchen dan heb je 45 minuten tijd vóór de volgende les of workshop begint. Leerlingen en docenten gaan dan ook direct om 11.45 zodat er nog wat tijd is tussen het eindigen van de maaltijd en de start van de volgende activiteit. Dit voorkomt dat je last krijgt van de gevreesde after lunch dip.

Vandaag is er sowieso weinig kans dat iemand last heeft van deze “dip” want er staat voor vanmiddag een sponsorloop op het programma. Leerlingen van alle jaarlagen (4 t/m 9) rennen rondjes om school om geld in te zamelen voor kinderkanker onderzoek. Normaal gesproken lopen ze tijdens dit jaarlijkse evenement rond een meer hier vlakbij, maar dat is nu te gevaarlijk want er ligt nog teveel ijs. Het is een drukte van jewelste in en om school en het is heel leuk om ook dit soort “extra” activiteiten mee te kunnen maken.

Dit is mijn laatste blog vanuit Zweden; morgen vlieg ik terug en maandag ben ik weer in Meerssen. Ik kijk er enorm naar uit om mijn ervaringen te delen met mijn collega’s en met iedereen die geïnteresseerd is. Ik hoop dat ik iets van de inspiratie en energie die ik hier heb opgedaan kan overbrengen en dat ons dit weer een klein beetje verder helpt in onze zoektocht.

Marij Wijnands winnaar Birgitta Ericson Award 2018

Gisteren werd, tijdens het jaarlijkse congres van KED Nederland, mijn collega Marij Wijnands uitgeroepen tot winnaar van de Birgitta Ericson Award 2018. Een erkenning voor haar voortrekkersrol, een schouderklop voor doorzetten en volhouden, lovende woorden voor haar werk . Wat mij altijd aanspreekt, is dat bij elke discussie rondom GPL bij Marij een tweetal vragen centraal staan: ‘Wat heeft de leerling nodig?’ en/of ‘Wat heeft de leerling hieraan?’. Natuurlijk is dit ook een schouderklopje voor iedereen die op welke manier dan ook een bijdrage levert aan Gepersonaliseerd Leren! Samen zijn we bezig om er iets moois van te maken voor onze leerlingen en collegae.
In het juryrapport kun je meer lezen over de voortrekkersrol van Marij.

Donderdag 22 maart

Coaching

Toen Sofia, enkele maanden geleden, onze school bezocht, hebben we gesproken over de uitgangspunten die de grondlegger van Kunskapskolan voor ogen had:

Kunskapsolan heeft:

  • de meest tevreden leerlingen;
  • de meest tevreden docenten;
  • de meest tevreden ouders;
  • de beste resultaten.

Het lijkt een open deur en tegelijkertijd ook een onmogelijke opgave; hoe hou je iedereen tevreden? Op weg naar school snijd ik dit onderwerp aan en Sofia illustreert met een aantal voorbeelden dat dit wel iets is waar continu aan wordt gewerkt en ook hier zijn samenwerken, oplossingsgericht denken en de bereidheid tot het sluiten van compromissen de belangrijkste factoren. Belangrijk is wel dat alle aanpassingen worden geëvalueerd en dat de vraag wordt gesteld: is dit wat we willen?

Vandaag kan ik aanschuiven bij een aantal coachgesprekken. Het is wat je noemt “het feest der herkenning”: tevreden kinderen, vermoeide kinderen, kinderen die zich zorgen maken en kinderen die zich zorgen zouden moeten maken maar dat niet doen.

Aaron is de eerste deze ochtend. Als Sofia vraagt of hij het gesprek in het Engels wil doen, haalt hij onverschillig zijn schouders op en komt bij ons aan tafel zitten. Zijn lichaamstaal spreekt boekdelen: hij heeft weinig trek in een coachgesprek. Hij antwoordt kort, en nauwelijks hoorbaar, op Sofia’s vragen en ik kan uit niks opmaken dat hij dit gesprek op welke manier dan ook heeft voorbereid.

Aaron blijkt de afgelopen weken niet echt veel vooruitgang te hebben geboekt en veel van de doelen van de afgelopen week zijn niet behaald. Ik merk dat ik een beetje geïrriteerd raak van de lusteloosheid en onverschilligheid die deze jongen uitstraalt. Sofia blijft uiterst kalm en lijkt hier geen last van te hebben. Gedurende deze 15 minuten gebruikt ze niet een keer het woord  “waarom”. Wel stelt ze vragen over zijn leerstrategieën en laat ze hem nadenken over wat hij kan doen om ervoor te zorgen dat het komende week wel lukt om trede 20 van wiskunde te presenteren. Aaron schrijft een paar dingen kort op en zegt verder geen zaken te hebben die hij met Sofia wil bespreken.

De tweede vanochtend is Ida. Het gesprek begint in het Engels maar al snel blijkt dat dat voor Ida niet echt werkt. Sofia blijft de vragen in het Engels stellen maar Ida geeft haar antwoorden in het Zweeds. Ida geeft haar functioneren over de afgelopen week een 7 maar zegt behoorlijk veel druk te voelen vanwege het vele werk dat ze moet verrichten. Ook tijdens dit gesprek worden de vragen zodanig gesteld dat ze Ida aanzetten tot nadenken zodat ze zelf met mogelijke oplossingen komt

De rest van de dag ben ik druk bezig met lessen en met workshop. Het is geweldig om te merken dat leerlingen het heel vanzelfsprekend vinden als ik de les geef en als ze door mij geholpen worden tijdens workshop.

Aan het eind van de dag maken Sofia en ik ons gereed om de bezoekers van de KED conferentie via een live verbinding iets te vertellen over het Teachers Exchange Programme. Althans, dat is wat ons was gevraagd. Het verloopt iets anders dan ik had verwacht, maar daarover een andere keer meer.

 

 

 

Woensdag 21 maart

Deadlines

Het is vanochtend druk in de arena. Omdat een aantal docenten afwezig is, zitten alle leerlingen van jaar 9 samen in deze ruimte i.p.v. in hun basisgroep. Er zijn drie docenten aanwezig en zodra een van hen, Anton, het woord neemt wordt het stil. Het is blijkbaar belangrijk wat Anton te vertellen heeft want iedereen zit aandachtig te luisteren. Ik heb aanvankelijk geen flauw idee waar het over gaat maar als ik opeens een aantal keren het woord deadline hoor, spits ik mijn oren.

Deadlines bij de themavakken blijken ook hier een constant punt van aandacht en discussie te zijn en het is een van de vele dingen waarvan ik zou willen weten hoe dat hier wordt georganiseerd. Ik spreek na de ochtendbijeenkomst kort met Anton en gelukkig heeft hij in de middag tijd om hier wat dieper op in te gaan.

Cijfers, schema’s, formats en roosters zijn niet echt mijn ding, maar spreken met Anton over dit soort zaken is zeer verhelderend. Hij legt mij goed uit hoe er op deze school wordt gezorgd voor een goede balans tussen de tijd die leerlingen moeten besteden aan de tredevakken en de themavakken. Voor een groot gedeelte heeft men de oplossing gevonden in de workshop; leerlingen worden geacht een minimum aantal minuten workshop in te plannen voor bepaalde vakken (En 100 minuten, Zweeds 180 minuten, wiskunde 100 minuten). Er zijn vaste ruimten voor de verschillende workshops. De workshops voor Zweeds, Engels en de moderne vreemde talen (Frans, Duis, Spaans) zijn b.v. op de tweede verdieping. Ook het aantal sessies dat per vak gegeven moet worden ligt vast en worden ook voor het hele jaar in het rooster vastgezet.

Uiteraard is de oplossing niet uitsluitend te vinden in organisatie. Onderling overleg, samenwerken en bereidheid tot het sluiten van compromissen zijn minstens zo belangrijk. Anton geeft ook heel duidelijk aan dat er ook op deze school voortdurend wordt gezocht naar oplossingen en dat zaken niet, zoals Harold het vaak treffend zegt, in beton zijn gegoten. Het stelt mij enorm gerust dat er zelfs in deze goed geoliede machine sprake is van een permanente zoektocht.

De directeur van deze school, Bjorn, is momenteel in Nederland voor de KED conferentie. Vanochtend kreeg ik via Madelief Keijser het verzoek om morgen, ergens tussen 16.00 en 16.30 uur, via een facetime verbinding samen met Sofia iets te vertellen over het Teachers Exchange Programme en onze ervaringen. Uiteraard gaan we dit doen. Spannend!!!!!!

 

 

Dinsdag 20 maart

Jacob

Er is verse sneeuw gevallen in Boras. Sofia heeft er schoon genoeg van slaakt een diepe zucht als ze op het nieuws hoort dat het winterweer voorlopig nog aanhoudt. Mij deert het niet, sterker nog: het is alsof ik in een kerstkaart ben beland.

Vandaag heb ik Jacob leren kennen. Niet “de ware Jacob”, want die ben ik bijna 40 jaar geleden al tegen het lijf gelopen, maar een jongen die mijn les luistervaardigheid heeft bijgewoond. Terwijl ik zit te prutsen met het aansluiten van mijn laptop aan de televisie, druppelen de leerlingen binnen en vanuit een ooghoek zie ik een jongen in de achterste bank glijden. Naast hem zit een docent, Marcus, en tot mijn grote verbazing blijft Marcus de hele les aan Jacobs zijde.

De les verloopt niet helemaal zoals ik had verwacht en het blijkt dat de vragen die de leerlingen moeten beantwoorden, nadat ze een korte nieuwsuitzending hebben bekeken over Buckingham Palace,  voor sommige leerlingen vrij moeilijk zijn. Het kost behoorlijk veel moeite om de leerlingen ertoe te bewegen om “iets” te zeggen, zelfs nadat ik heb aangegeven dat ze hun antwoorden ook in het Zweeds mogen geven (Sofia kan dan bepalen of de antwoorden correct zijn). De enige die mij duidelijk wil laten merken dat hij alles goed heeft begrepen is Jacob. Hij geeft prima antwoorden en ik ben aangenaam verrast over zijn woordkeuze. Nu Jacob het ijs een beetje heeft gebroken, verschijnen er langzaam meer vingers in de lucht en ontstaat er toch iets van interactie. Gelukkig!

Na de les heb ik gelegenheid om met Jacob en Marcus te spreken.  Jacob is 14 jarige zorgleerling die individuele begeleiding krijgt van Marcus. Dit betekent dat Marcus naast hem zit tijdens alle lessen en dat hij tijdens workshop in een soort maatwerkklas werkt. Nadat ik Jacob heb gecomplimenteerd met zijn Engels en met zijn actieve deelname aan de les vraag ik hem welke hulp hij van zijn docent, Marcus, krijgt. Jacob corrigeert mij en zegt dat Marcus niet zijn docent, maar zijn “partner” is en dan vertelt hij dat hij heel veel moeite heeft met lezen en schrijven. Tijdens lessen leest Marcus alle vragen voor en helpt hij Jacob met het formuleren van zijn antwoorden. Jacobs mondelinge taalvaardigheid is erg goed maar de problemen met het lezen en schrijven zorgen ervoor dat hij maar langzaam vooruit gaat. Op verzoek van Marcus laat Jacob mij zien waar hij mee bezig is met Engels. Maar hij is er vooral op gebrand om mij te laten zien dat er een helm is vastgemaakt aan zijn rugzak. Vol trots vertelt hij dat de enige fiets die voor school staat van hem is! Ik moet direct denken aan de gezichtsuitdrukking van Sofia toen ze het oerwoud van fietsen zag rondom onze school. Ook Jacob weet ervan want hij heeft de foto die Sofia toen heeft gemaakt allang gezien.

Het gesprek met Jacob is het tweede gesprek van vandaag waarin duidelijk naar voren komt hoe belangrijk de band is tussen leerlingen en docenten. Eerder vanochtend sprak ik met een viertal meisjes uit de basisgroep van Sofia. Deze meisjes zitten in jaar 9 en dat betekent dat ze aan het einde van dit schooljaar de school gaan verlaten. Alle vier geven ze aan dat ze de begeleiding van de coach en van de docenten het meest zullen missen van alles. Vooral in tijden dat het allemaal wat moeilijker gaat, zijn de coach en de docent degenen die hen steunen en die hen weer vertrouwen geven. Een groter compliment kun je als coach en docent toch niet krijgen!

Maandag 19 maart

Deze week verkeert mijn collega Marij Wijnands, docent Engels en FLE, in Zweden. Ik plaats haar mail aan mij integraal in deze blog. Wie weet wat voor bijzondere ervaringen zij opdoet deze week ….

A Swedish Odyssee

Begin van dit schooljaar werd mij gevraagd of ik er iets voor voelde om deel te nemen aan een uitwisselingsprogramma met een Kunskapsskolan in Zweden. Uiteraard was mijn antwoord een volmondig “ja” en al snel werd ik in contact gebracht met Sofia Frey, een jonge, Zweedse docente Engels. Afgelopen november heeft Sofia onze school bezocht en heb ik met haar een week lang samengewerkt en heel veel uitgewisseld over het Kunskapsskolan concept. Nu, bijna 5 maanden later, ben ik in Zweden en mag ik een week lang ervaren hoe het is om in deze school als docent Engels te werken.

Het is -5 graden als ik samen met Sofia om 7.35 uur de parkeerplaats van de school oprijdt. De afgelopen 20 minuten, op weg hier naar toe,  heb ik mij vergaapt aan het bevroren meer en aan de veelal houten huizen die her en der verspreid liggen tussen de naaldbomen; alles straalt een zekere rust uit. Het is op dit vroege uur ook nog heel rustig in het schoolgebouw. Langzaam druppelen de docenten binnen en om klokslag 8 uur begint het teamoverleg. Björn, de directeur opent de bijeenkomst, heet mij in feilloos Engels hartelijk welkom en geeft vervolgens aan dat de rest van de bijeenkomst in het Zweeds zal zijn. Ondanks deze taalbarrière is het mij duidelijk dat de weekplanning en met name de sponsorloop van komende vrijdag de voornaamste agendapunten zijn.

Deze ochtend staan er voor Sofia geen docent gestuurde sessies op het rooster maar is zij aanwezig in workshoptijd om hulp te bieden aan leerlingen die, middels het noteren van hun naam op het grote witte bord hebben aangegeven dat zij “iets” willen. Dit “iets” varieert van het verkrijgen van feedback op een artikel dat ze in het Engels hebben geschreven tot korte uitleg over het verschil tussen much en many. Ook is er een aantal leerlingen dat heeft aangegeven een trede te willen afsluiten d.m.v. een korte mondeling  presentatie. Leerlingen zijn gewend aan bezoek van docenten uit het buitenland en vinden het geen enkel probleem als ik hen feedback geef of help bij een bepaalde tekst of oefening.

Na de lunch nemen Sofia en ik de lessen door die we deze week samen zullen verzorgen en verdelen de taken. Ik verheug mij erop om de leerlingen van groep 9 (15-16 jarigen) tijdens lessen luistervaardigheid  kennis te laten maken met TED speeches omdat dit iets is waar ze nog niet eerder mee hebben gewerkt.

Deze eerste schooldag eindigt om 14.30 uur en Sofia en ik maken van de gelegenheid gebruik om een bezoek te brengen aan Gotenburg. Dit is wat we noemen het nuttige met het aangename verenigen!

Leren zonder cijfers

We hebben gekozen voor een andere manier van beoordelen. Een beoordeling die recht doet aan het leerproces van de leerling. Een beoordeling waarin feedback, feedforward en feedup centraal staan. We stimuleren het leerproces zonder daar cijfers aan te koppelen.

De traditionele manier van toetsen (achteraf en summatief) bevordert het leren onvoldoende. Het leren vindt meestal plaats in de dagen voor, of de avond voor, de geplande toetsdatum. Een leerling krijgt dan niet op tijd en onvoldoende feedback op zijn leerproces. Feitelijk weet de leerling pas na de toets waar hij staat in het leerproces. Tevens is de toets vaak het einde van een leerproces, immers daarna starten we met een ander hoofdstuk. Ook het gedrag van de docent past zich vaak hierop aan: teaching to the test.
Teaching to the test is een veelgebruikt begrip voor het verschijnsel dat docenten hun onderwijs gaan afstemmen op de toets. Docenten denken dan niet meer na wat ze zelf belangrijk vinden, maar gaan datgene belangrijk vinden wat op de toets wordt gevraagd. In extrema: het hele onderwijscurriculum op deze scholen wordt zo ingericht dat het focust op het voorbereiden van leerlingen voor een gestandaardiseerde test (zo ook het centrale examen).

Bij GPL evalueren we regelmatig gedurende het leerproces. Doel van een evaluatie is dat leerling weet waar hij staat; wat gaat goed, wat heb je nog te leren. De vorm van deze evaluatie kan heel divers zijn: een gesprekje, even over de schouder meekijken, luisteren, een kahoot, socrative, een schriftelijke toets, ….. De docent geeft daarna feedback en een beoordeling. De feedback bestaat uit tops en tips. De tops hebben betrekking op de leerdoelen die de leerling beheerst, de aanpak die gewerkt heeft, et cetera. Tips zijn de dingen waar de leerling nog mee aan de slag moet. De beoordeling vindt plaats aan de hand van een kleur: oranje, rood, wit of blauw (laagste tot hoogste beheersingsniveau).

Natuurlijk zullen we op enig moment de overstap naar cijfers moeten maken. Immers het Nederlandse schoolsysteem verwacht van ons een schoolexamencijfer op de schaal van 1 tot en met 10.

De Learning Portal is geen interactief digitaal boek

Welke rol speelt de Learning Portal (LP) in het leerproces van de leerling?

Uitgangspunt van gepersonaliseerd leren is dat de leerling in staat wordt gesteld om op eigen tempo en niveau het leerproces te doorlopen waarbij persoonlijke strategieën ingezet worden. Als leerlingen op verschillende manieren leren en verschillende ondersteuningsbehoefte hierbij hebben vraagt dat om een omgeving met een duidelijke structuur waarbinnen ruimte is om je eigen strategieën toe te passen. Die structuur wordt gevormd door de leerdoelen.

De LP faciliteert gepersonaliseerd leren met een structuur van door de overheid vastgestelde leerdoelen. Deze leerdoelen bieden de inhoudelijke structuur om een leerling voor te bereiden op het eindexamen. De tredes (talen en wiskunde) en thema’s (alle andere vakken) brengen een (leer)lijn in de leerdoelen zodat een leerling op een logische manier met de inhoud aan de slag kan binnen een context. In de tredes en thema’s zijn er per niveau bronnen/opdrachten gekoppeld aan de leerdoelen.

Om ervoor te zorgen dat een leerdoel door een leerling wordt behaald is een combinatie van activiteiten nodig: leeractiviteiten van de docent, bronnen in de LP en alle andere mogelijke bronnen die nodig zijn om de leerling verder kunnen helpen om het doel te bereiken. Juist de combinatie van: uitleg door de docent, het begeleid oefenen in een klas, een filmpje, een kahoot, et cetera zorgt voor een rijke leeromgeving waarin de leerling op verschillende manieren kan werken aan het leerdoel.

Eigenaarschap, wat is dat?

Leerlingen die zich eigenaar voelen van hun leerproces zijn meer betrokken bij het leren, nemen sneller hun verantwoordelijkheid en zijn trotser op wat ze doen. Pas als een leerling het belang ergens van inziet, zal er prestatie uit volgen. Inzet volgt uit intrinsieke motivatie. Maar wat is eigenaarschap precies, wanneer ervaren leerlingen dit en hoe bevorder je dit?

Belangrijk uitgangspunt van eigenaarschap is de leerlingen willen het zelf en kunnen het zelf. Docenten/coaches maken met dit uitgangspunt de beste kans om erin te slagen de leerling tot een actieve deelname aan het leerproces te brengen. Zij zullen dit stimuleren door de leerling met eigen voorstellen te laten komen voor de doelen die hij denkt te kunnen halen, voor de tijd en de middelen die hij denkt nodig te hebben.

Op deze wijze krijgt een leerling de gelegenheid zich eigenaar van het leerproces te voelen, misschien wel de krachtigste motivatie om te leren. De docent begeleidt dit proces, geeft de instructie die nodig is, doet eventueel tegenvoorstellen en stelt afspraken voor. Docent en leerling maken samen onderwijs! Dit betekent, dat je je leerlingen leert om vragen stellen, jou te informeren, problemen niet te laten liggen, doelen te stellen en te plannen, tijdig hulp te vragen, zelf te evalueren en daarvan weer te leren. Dat is het waar kinderen voor naar school komen: om te leren zichzelf te ontwikkelen en daarvoor verantwoordelijkheid te dragen. Elk kind, elk mens is daartoe in beginsel in staat, in staat om zich te ontwikkelen/te leren. Dat dit langs verschillende wegen gaat, dat de een meer tijd nodig heeft om iets onder de knie te krijgen dan de ander en dat de een meer aankan dan de ander, dat is normaal.


Eigenaarschap op een rijtje

  • De leerling neemt de verantwoordelijkheid voor zijn eigen leerproces.
  • De leerling is trots op de bereikte resultaten.
  • De leerling deelt zijn kennis graag met medeleerlingen en docenten.
  • De leerling weet wat van hem verwacht wordt.
  • Het docententeam geeft de leerling de ruimte om te ontwikkelen en te groeien.
  • Om eigenaarschap bij leerlingen te vergroten, is eigenaarschap van het onderwijs bij docenten een voorwaarde.

Bezoek uit Zweden

Medio november heeft een docent Engels van een Kunskapsskolanschool in Böras, Zweden onze school bezocht in het kader van een docentuitwisseling. Onderstaand haar evaluatie.

My name is Sofia Freij I have had the amazing opportunity to participate in KED Teacher Exchange Program. I got the chance to travel to the Netherlands and stay for a week. A week full of inspiration, interesting meetings and new experiences. I visited Stella Maris College which is a large school with 2100 students. Approximately 550 students aged 11-15 read according to the KED model referred, to as GPL or personalized learning.

The school is situated in Meersen, a town close to Maastricht in the Netherlands. Two years  ago the concept of personalized learning moved into a traditional school and the idea is that the number of students within personalized learning should increase and include students who study at upper secondary level as well. Students work with the digital logbook, the learning portal, coaching sessions, workshop and various lessons. They have theme courses and they work with steps. All very familiar.

My personal goal was to look into how students are informed about the requirements for different grades and how the communication about requirements impacts on students’ motivation to learn. I found out that the teachers spend quite a lot of time on giving the students feedback on their assignments and if the students don’t reach the goal that they have set they are allowed to improve their work according to the feedback given and present it again. Meaning that the students are always given a second chance to improve their skills and reach their goal.

On the learning portal students can find rubrics describing the competence required for different levels in each subject. The students say that they read them and that they are helpful but sometimes somewhat difficult to understand, which is something that I definitely recognize from my own students. Marij, my host, spends more time explaining them in relation to the student’s performance after his or her presentation, whereas I spend more time trying to make my students understand the requirements in advance.

What really amazed me during my stay was how well the coaching sessions were conducted. Even though the Dutch teachers have not been practicing for very long the quality was high. This and the fact that the students are allowed to study at their own pace was what the students themselves presented as their favourite parts of personalized learning. Marij and I agreed on the fact that the coaching session is a vital, if not the most important tool in personalized learning.

Even though there were some differences when it comes to schools in The Netherlands compared to schools in Sweden, the things we had in common were more significant than the things that separated us. I recognized many concerns and challenges and my host and I immediately found common ground for vivid pedagogical discussions on how to organize and structure the daily work with the students to enable and bring to life the vision and essence of personalized learning.

I am so thankful that I got the opportunity to visit and I am really looking forward to Marij’s visit in March. I wish this team and their colleagues the best of luck in continuing establishing personalized learning and adding something brand new to the educational system in the Netherlands.